Filesharing & the Music Industry
‘A Monster on the Loose on the Barbary Coast …’
Piet Bakker
Communicatiewetenschap
Universiteit van Amsterdam
ASCoR - Amsterdam School for Communication Research
Amsterdam: juni 2002 (herziene versie)
Inhoud
1. HET AANBIEDEN EN UITWISSELEN VAN MUZIEK VIA HET INTERNET........................ 2
COMPRESSIE-TECHNIEKEN.............................................................. 3
BREEDBAND-TOEGANG.................................................................. 4
GEAVANCEERDE EINDGEBRUIKER-APPARATUUR.............................................. 5
MP3.COM, NAPSTER EN AFTERNAPSTER................................................... 5
2. DE OORZAKEN EN GEVOLGEN VAN HET DOWNLOADEN...................................... 7
SOORTEN PIRATERIJ ................................................................. 8
3. OMZETDALING.................................................................... 10
DE VERENIGDE STATEN .............................................................. 10
NEDERLAND ........................................................................ 11
INDIRECTE BEWIJZEN................................................................ 13
4. JURIDISCHE EN TECHNISCHE MAATREGELEN .......................................... 14
JURIDISCHE PROCEDURES ............................................................ 14
TECHNISCHE OPLOSSINGEN............................................................ 15
5. KRITIEK OP DE REDENERING VAN DE MUZIEKINDUSTRIE................................ 16
SOORTEN ILLEGAAL MUZIEKGEBRUIK ................................................... 16
EMPIRISCHE GEGEVENS .............................................................. 16
DOWNLOADEN, BRANDEN EN CD-AANKOPEN ............................................... 17
INZAKKENDE MUZIEKMARKT EN CONCENTRATIE ........................................... 18
WEBWINKELS ....................................................................... 18
LOBBY-INSTRUMENT.................................................................. 19
6. ALTERNATIEVE MODELLEN.......................................................... 19
DE MUZIEKINDUSTRIE................................................................ 19
DE FANS........................................................................... 20
DE ARTIESTEN ..................................................................... 20
7. CONCLUSIE...................................................................... 21
REFERENTIES ...................................................................... 23
1
File Sharing & the Music Industry
‘A Monster on the Loose on the Barbary Coast …’
In 2001 werden in de VS 10% minder CD’s verkocht dan het jaar daarvoor, in
Nederland bedroeg deze daling 5%; de omzet van de muziekindustrie daalde, met 4%
in de VS en 2% in Nederland. Deze daling was volgens de muziekindustrie
ondermeer te wijten aan de opmars van het downloaden van muziek van het internet.
Door de inkomstendaling zou het voor de muziekindustrie steeds moeilijker worden
beginnende artiesten een kans te geven. Deze cijfers waren een stimulans om de strijd
tegen het online downloaden van muziek onverminderd door te zetten. Deze strijd had
een hoogtepunt bereikt toen platenmaatschappijen en auteursrechten-organisaties een
proces tegen de muziekdatabase Napster aanspanden. Eerder hadden nationale
organisaties en bedrijven al het aanbieden van MP3’s via het internet met succes
weten te beperken.
De muziekindustrie heeft echter niet alleen een negatief oordeel over muziek
downloaden via internet. Zelf maakt ze intensief gebruik van het nieuwe medium om
muziek te promoten en te verkopen. Daarnaast benutten fans het medium niet alleen
om MP3-files uit te wisselen maar ook om de muziek van hun favorieten te promoten.
En hoewel sommige artiesten overtuigd tegenstanders van het downloaden van MP3's
zijn, zijn er ook overtuigde voorstanders en actieve gebruikers van het formaat. Dat
alles doet de vraag rijzen wat de relatie tussen internet en de muziekindustrie is. Aan
de ene kant zou internet een bedreiging kunnen vormen, iets dat bijvoorbeeld wordt
ondersteund door de Amerikaanse rechter die in april 2001 tijdens de rechtszaak tegen
Napster de makers toevoegde: "You created this monster, now you go figure out out
to stop it" (in King, 2001) of door de pakkende titel die de RIAA (Recording Industry
Association of America) meegaf aan een vertoog over het downloaden van muziek:
"Old as the Barbary Coast - New as the Internet" (RIAA, 2002a). Aan de andere kant
wordt internet als de grote kans voor de muziekindustrie gezien: "een distributie- en
promotiekanaal met grote potentie" volgens de Nederlandse auteursrechtenorganisatie
Buma/Stemra; een medium dat goed zal zijn voor een omzetstijging van 7,2 miljoen
dollar in 2002 tot 30 miljoen in 2006 volgens het Amerikaanse onderzoeksbureau In-
Stat/MDR (2002).
2
Hier zal de discussie rond muziek en internet centraal staan. De techniek en de
geschiedenis zal uiteen worden gezet waarna in zal worden gegaan op de discussie
rond oorzaken en gevolgen. Daarbij zal de centrale vraag zijn in hoeverre het
uitwisselen van muziekfiles via internet gevolgen heeft voor de verkoop van
traditionele muziekdragers, de positie van de muziekindustrie, artiesten en fans.
Concrete vragen zijn:
1. Wat wordt verstaan onder het aanbieden en uitwisselen van muziek via het
internet en wanneer, hoe en door welke technische veranderingen is deze
mogelijkheid ontstaan?
2. Wat is theorie van de muziekindustrie over de relatie tussen aanbieden,
uitwisselen en downloaden van muziekfiles en de gevolgen daarvan?
3. Welke empirische gegevens zijn er om dit model te ondersteunen?
4. Welke maatregelen worden genomen om het downloaden en kopieëren
van muziek tegen te gaan?
5. Welke kritiek kan er op de redenering van de muziekindustrie worden
geleverd?
6. Zijn er alternatieve modellen en theorieën over de relatie tussen internet,
de productie, het aanbieden en de consumptie van muziek?
1. Het aanbieden en uitwisselen van muziek via het internet
Het downloaden van muziek via het internet is relatief nieuw. In principe was het al
mogelijk vanaf het begin van het internet en zeker toen de grafische en
gebruiksvriendelijke www-interface halverwege de jaren negentig werd
geïntroduceerd. Muziek op een CD bestaat immers uit digitale informatie en die kan
in principe worden verstuurd van de ene naar de andere computer. De omvang van de
files (20 à 30 MB) en de geringe capaciteit van het netwerk maakten het echter in de
praktijk tot een vrijwel onmogelijke klus; het oversturen van een CD-track zou uren
duren. Als dat al zou lukken (wat gezien de regelmatige storingen op het netwerk niet
altijd zeker was) zouden de meeste computers het file niet eens kunnen opslaan terwijl
ook het afluisteren een probleem was omdat er maar weinig computers uitgerust
3
waren met een soundcard en speakers. De ontwikkeling is met name door technische
innovaties mogelijk gemaakt, deze zijn te onderscheiden in vier soorten:
• compressie-technieken;
• breedband-toegang;
• geavanceerde eindgebruiker-apparatuur; en
• software om MP3’s te maken, te vinden en af te spelen.
Compressie-technieken
Compressie betekent dat een digitaal bestand kleiner wordt gemaakt om het op die
manier sneller te distribueren en efficienter op te slaan. Computerprograma’s worden
in veel gevallen gecomprimeerd. Sommige bestanden pakken zichzelf na downloaden
automatisch uit, anderen moeten met een programma worden bewerkt (met
programma’s als WinZip of StuffIt Expander). Kenmerkend voor dergelijke
toepassingen is dat het uitgepakte bestand indentiek is aan het origineel. Voor
muziekfiles en veel grafische bestanden wordt een andere methode gebruikt waarbij
een deel van de informatie voorgoed verloren gaat. Bij foto’s wordt bijvoorbeeld de
hoeveelheid kleuren of de resolutie (gedetailleerdheid) teruggebracht. Plaatjes met
een .gif of .jpg extensie zijn op die manier gecomprimeerd. Ook bij muziekcomprimering
verdwijnt een deel van de informatie. Kenmerkend is dat de bestanden
in gecomprimeerde vorm te zien en te beluisteren zijn. Deregelijke bestanden
bevatten minder informatie en zijn dus kwalitatief minder dan de originelen. Een foto
op het web is minder gedetailleerd dan een afdruk uit de ontwikkelcentrale en een
MP3-file zou minder uitgesproken moeten klinken dan het origineel. In veel gevallen
is dat voor de gebruiker nauwelijks merkbaar of niet van belang: computerschermen
kunnen toch niet zoveel details aan en muziek via kleine boxjes van een PC of de
koptelefoon van een walkman is sowieso niet van hifi-kwaliteit.
MP3 (MPEG layer 3) is thans de compressie-standaard voor muziek waar de meeste
commotie over is en die waarschijnlijk ook het meest wordt toegepast. Met behulp
van deze techniek kan een muziekfile tot een fractie van de originele omvang worden
teruggebracht. Een dergelijke grote compressie levert echter te veel kwaliteitsverlies
op, in de praktijk gebruikt MP3 een lagere compressie waarbij een gemiddeld
muziekfile ongeveer 3 Mb groot is en de geluidskwaliteit die van een CD benadert.
4
"By using MPEG audio coding, you may shrink down the original sound data from a
CD by a factor of 12, without losing sound quality" volgens de ontwikkelaars van
MP3, het Duitse Fraunhofer Instituut (Fraunhofer Gesellschaft, 1998-2001).
Alhoewel MP3 tegenwoordig de standaard lijkt op het gebied van geluidscompressie
en in ieder geval het formaat is dat de meeste discussie uitlokt, is het niet het enige
compressieformaat. Voor DVD-films wordt MPEG2 gebruikt, Sony gebruikt het
ATRAC3 voor de eigen MD-spelers, terwijl daarnaast technieken als VQF
(www.vqf.com), LiquidAudio (www.liquidaudio.com) en Quicktime
(www.apple.com/quicktime) bestaan. De laatste techniek wordt vooral voor video via
het web gebruikt, LiquidAudio is een betaaldienst om muziek te downloaden maar is
commercieel nooit van de grond gekomen. VQF, een techniek die door Yamaha is
ontwikkeld, leverde in feite betere resultaten op dan MP3 maar het ontbreken van
muziek, software en ondersteuning hebben ervoor gezorgd dat het in de praktijk nooit
een succes is geworden.
Naast bovenstaande compressietechnieken die allemaal de omvang van downloadbare
files terugbrengen zijn er technieken die vooral gebruikt worden om muziek te
‘streamen’, dat levert wel muziek op (webradio of luisterfragmenten voor online CDverkoop
zoals bij www.cdnow.com) maar geen files die eenvoudig op de computer
opgeslagen kunnen worden. De belangrijkste platformen zijn RealAudio
(www.real.com), QuickTime en Windows Media (www.windowsmedia.com).
Breedband-toegang
De eerste internetverbindingen verliepen via een normale telefoonlijn en een
zogenaamd 14.4 Kb modem. Voor tekst adequaat, voor plaatjes moeizaam maar voor
geluid vrijwel onbruikbaar. De geluidsfragmenten op het internet waren dan ook
noodgedwongen zeer kort en hadden een lage kwaliteit om de downloadtijd niet
nodeloos te verlengen. Pas na de introductie van snellere modems (28.8 Kb, 56 Kb),
het gebruik van ISDN-telefoonaansluitingen en internettoegang via kabel, ASDL lijn
of een directe (T1) verbinding werd het downloaden van grote files probleemloos.
Combinatie van kleinere MP3-files en grote downloadsnelheid levert een enorme
tijdwinst op zoals uit tabel 1 blijkt. Met een ‘normaal’ 56 Kb modem is een MP3 in
5
enkele minuten binnen; onderstaande downloadtijden zijn theoretisch de maximaal
haalbare, in de praktijk is in veel gevallen de downloadtijd hoger.
Tabel 1: verschil in downloadtijd van een CD-track en een vergelijkbaar MP3-file
Verbinding 30 Mb CD-Track 2,5 Mb MP3 file
Modem 14.4 Kb 5 uur 24 minuten
Modem 56 Kb 1 uur, 1 kwartier 6 minuten
ISDN 128 Kb 33 minuten 3 minuten
ADSL/Kabel 256 Kb 16 minuten 1 minuut, 20 seconden
T1 1,5 Mb 2 minuten 13 seconden
Bron: downloadcalculator (www.gamegenie.com/downloads/dlcalc.shtml)
De ‘breedte’ van de verbinding is overigens niet het enige aspect dat het downloaden
van muziek heeft gestimuleerd. Ook de combinatie met ‘flatrate’-toegang die voor
kabel- en ADSL-verbindingen in de meeste gevallen geldt (een vast maandbedrag
waarbij ongelimiteerde internettoegang mogelijk is) heeft ertoe bijgedragen dat het
downloaden en uitwisselen van muziekfiles zo’n grote vlucht heeft genomen.
Geavanceerde eindgebruiker-apparatuur
De traditionele PC beschikte slechts over een kleine harde schijf (hooguit 20 Mb) en
bevatte ook geen geluidskaart en externe speakers. Pas de laatste jaren is de
opslagcapaciteit zo toegenomen (tot 30 à 80 Gb) dat er een grote hoeveelheid MP3’s
kan worden opgeslagen, terwijl een geluidskaart en geluidsboxen tot de
standaarduitrusting van een moderne multi-media PC zijn gaan behoren. Daarnaast
zijn moderne PC’s niet alleen uitgerust met een CD-speler waardoor MP3’s gemaakt
kunnen worden (het zogenaamde ‘rippen’) maar ook van een brander waardoor
MP3’s extern opgeslagen kunnen worden, CD’s kunnen worden gekopieerd en CD’s
voor gewone CD-spelers gemaakt kunnen worden. Een laatste belangrijke
ontwikkeling is de opslagmogelijkheid op centrale servers, vooral bij universiteiten
waar studenten de beschikking hebben over serverruimte.
MP3.com, Napster en Afternapster
6
Het voordeel van MP3 files is naast de omvang en de geluidskwaliteit ongetwijfeld
het gebruiksgemak. Het maken van een MP3-file van een CD-track is een fluitje van
een cent terwijl ook het downloaden en afspelen vrijwel moeiteloos verloopt, software
is volop en gratis beschikbaar terwijl de afspeelmogelijkheden ruim voorhanden zijn,
zowel draagbare MP3-spelers als apparaten voor huiskamer- of horeca-gebruik. Ook
is het relatief eenvoudig om van een MP3 weer een normale CD-track te maken, die
op een CD te branden die afgespeeld kan worden met een gewone CD-speler. Sinds
de ontwikkeling van MP3 in 1997 heeft het uitwisselen en downloaden van
muziekfiles via het internet een grote vlucht genomen.
Het bekendste startpunt voor iemand die muziek wilde downloaden was in de periode
1999-2001 Napster (www.napster.com). Een indrukwekkend aantal bezoekers
bezocht de site, in feite een centrale database met titels die op dat moment
beschikbaar waren bij individuele gebruikers, en waar probleemloos vrijwel elke song
in no-time te downloaden was. Na juridische maatregelen werd de muziek zodanig
gefilterd dat er vrijwel niets meer te vinden was. Tegenwoordig is Napster een nog
niet operationele service die is overgenomen door het Bertelsmann concern.
Eenzelfde lot trof MP3.com dat tegenwoordig in handen is van Vivendi Universal en
naast gratis MP3’s ook de mogelijkheid biedt songs tegen betaling te downlowden.
Na het sluiten van Napster ontstonden snel alternatieven. Met behulp van applicaties
als Gnutella (www.gnutella.com), KaZaA (www.kazaa.com), AudioGalaxy
(www.audiogalaxy.com) en Morpheus (www.musiccity.com) is het nog steeds
mogelijk muziek te downloaden alhoewel rechtszaken in een aantal gevallen tot
sluiting of het vrijwel amputeren van een dienst hebben geleid zoals in het geval van
AudioGalaxy, Aimster/Madster (www.madster.com) en Grokster
(www.grokster.com). Op de site van afternapster (www.afternapster.com) worden
bijna 100 alternatieven genoemd.
Vrijwel al deze technieken vallen onder de noemer ‘peer-to-peer’ (P2P) applicaties.
Dat betekent dat gebruikers hun files niet downloaden vanaf een centrale server via
een eenvoudig te traceren website maar rechtstreeks bij een andere gebruiker. Het
programma op de PC (Napster, KaZaA, Gnutella etc.) legt contact met andere
gebruikers en creëert na een zoekopdracht een lijst met titels die aan de zoekopdracht
7
voldoen en die beschikbaar zijn om te downloaden, samen met informatie over de
kwaliteit (mate van compressie) en de snelheid van de verbinding.
2. De oorzaken en gevolgen van het downloaden
De bezwaren van de muziekindustrie tegen het downloaden van muziek via het
internet maakt deel uit van hun niet aflatende strijd tegen alle vormen van het gebruik
en beluisteren van muziek zonder dat daarvoor rechten zijn betaald. In de dertiger
jaren verzette men zich bv. tegen de radio omdat men dat als een concurrent
beschouwde (Dowd, 2001) terwijl in de jaren zeventig de cassette het moest
ontgelden (Kasaras, 2002). De IFPI, de internationale organisatie van de
muziekindustrie meent dat het verschijnsel nu ernstiger is dan ooit tevoren (IFPI,
2002a):
Music piracy poses a greater threat to the international music industry than at
any other time in its history. Traffic in pirate recordings is not only
proliferating worldwide – it is rapidly diversifying into new technologies and
formats.
Over internet en muziek zegt de Nederlands auteursrecht-organisatie Buma/Stemra
(2002):
Buma/Stemra beschouwt internet als een distributie- en promotiekanaal met
grote potentie. Muziekwerken zouden zonder enige belemmering en zo
klantvriendelijk mogelijk ter beschikking moeten worden gesteld. Maar die
transactie moet wel in een beveiligde omgeving plaatsvinden en tegen betaling
van rechten aan de makers van de muziek.
Wat illegaal is, is duidelijk: "Zonder betaling is er geen toestemming. En zonder
toestemming is er sprake van illegaal gebruik." (Buma/Stemra, 2002). De
Nederlandse muziekindustrie, verenigd in de NVPI (Nederlandse Vereniging van
Producenten en Importeurs van Beeld- en Geluidsdragers) geeft aan wat ongeveer de
ondergrens van illegaal gebruik is (NVPI, 2002a):
8
Thuiskopiëren oftewel het kopiëren van een beeld- of geluidsdrager op
bijvoorbeeld een cassette of CD-recordable is volgens de Nederlandse wet
alleen toegestaan voor eigen gebruik. Als u bijvoorbeeld een kopie maakt voor
een jarige kennis dan handelt u in strijd met de wet. Uiteraard is ook het
maken van meerdere kopieën om deze te verhandelen een vorm van piraterij.
Het meest uitgespoken over illegaal gebruik van muziek is de Amerikaanse
organisatie van platenmaatschappijen RIAA. Onder het kopje "Old as the Barbary
Coast - New as the Internet" (RIAA, 2002a) wordt gesteld:
No black flags with skull and crossbones, no cutlasses, cannons, or daggers
identify today’s pirates. You can’t see them coming; there’s no warning shot
across your bow. Yet rest assured the pirates are out there because today there
is plenty of gold (and platinum and diamonds) to be had. Today’s pirates
operate not on the high seas but on the Internet, in illegal CD factories,
distribution centers, and on the street. The pirate’s credo is still the same -why
pay for it when it’s so easy to steal? The credo is as wrong as it ever was.
Stealing is still illegal, unethical, and all too frequent in today’s digital age.
That is why RIAA continues to fight music piracy.
De RIAA stelt dat piraterij vooral ten koste gaat van de inkomsten van artiesten: "To
do his or her best, the artist needs a supportive environment. That is a goal of RIAA.
RIAA fights to preserve freedom of speech, copyright protection, and a positive
environment in which to create and distribute music - on and off the Internet." (RIAA,
2002b).
Soorten piraterij
Enigzins problematisch bij de piraterij-discussie is dat allerlei vormen van
muziekgebruik waarbij geen rechten worden afgedragen, door elkaar lopen. De IFPI
(2002b) onderscheidt drie soorten:
- Simple piracy - is the unauthorised duplication of an original recording for
commercial gain without the consent of the rights owner. The packaging
9
of pirate copies is different from the original. Pirate copies are often
compilations, such as the ‘greatest hits’ of a specific artist, or a collection
of a specific genre, such as dance tracks.
- Counterfeits - are copied and packaged to resemble the original as closely
as possible. The original producer’s trademarks and logos are reproduced
in order to mislead the consumer into believing that they are buying an
original product.
- Bootlegs - these are the unauthorised recordings of live or broadcast
performances. They are duplicated and sold - often at a premium price -
without the permission of the artist, composer or record company.
Probleem hierbij is dat het thuiskopieren geen aparte plaats heeft. In veel gevallen zou
het om de eerste soort gaan terwijl ook counterfeits en bootlegs thuis gefabriceerd
kunnen worden. De Amerikaans muziekindustrie voegt daarom een vierde soort aan
toe (RIAA, 2002a):
Online piracy is the unauthorized uploading of a copyrighted sound recording
and making it available to the public, or downloading a sound recording from
an Internet site, even if the recording isn’t resold. Online piracy may now also
include certain uses of ‘streaming’ technologies from the Internet.
Ook de NVPI heeft een dergelijke bepaling opgenomen op haar website (NVPI,
2002a):
Online Piraterij. Up-en downloading van bestanden via internet zonder
toestemming. Bijvoorbeeld in de vorm van MP3 (muziek) of DivX (film)
bestanden. Vaak worden dergelijke bestanden vervolgens op CD-r gekopieerd
en gebruikt als bron voor CD-r piraterij.
De NVPI legt duidelijk de link tussen de gederfde inkomsten het het culturele klimaat
in een maatschappij (NVPI, 2002a):
De bezitters van het ‘intellectueel eigendom’ (schrijvers, componisten,
acteurs, musici, ontwerpers, etc.) leven van de inkomsten die voortvloeien uit
10
hun producten. Voorafgaand aan succes hebben zij vaak jaren geïnvesteerd.
Inkomsten uit hun producten stellen hen in staat nieuwe creaties voort te
brengen. De entertainmentindustrie reproduceert de muziekopnames, films en
software zodat deze voor iedereen beschikbaar zijn. De kosten van
productontwikkeling zijn enorm. Met haar opbrengsten investeert de
entertainmentindustrie in nieuw talent en in nieuwe producten. Zonder deze
opbrengsten zijn (grote) investeringen alleen voor de ‘zekere’ kassuccessen
nog gerechtvaardigd.
3. Omzetdaling
Ofschoon cijfers niet altijd duidelijk zijn, blijkt wel dat er in 2001 een daling in de
verkoopcijfers en een kleine omzetdaling heeft plaatsgevonden, met name in West-
Europese landen (uitgezonderd Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk) en de VS.
Daarnaast is het duidelijk dat er veel meer blanco CD’s worden verkocht
(zogenaamde CDr’s) en dat computers veel vaker dan vroeger zijn uitgerust met harden
software die het maken van MP3’s, het downloaden en kopiëren van muziek
mogelijk maakt. Daarnaast zeggen veel mensen muziek te downloaden, CD’s te
branden of te kopiëren. Dit hoeft overigens niet te betekenen dat er daarom ook
minder CD’s worden gekocht.
De Verenigde Staten
In de VS zijn in 2001 ruim 10% minder CD’s en muziek-DVD’s verkocht dan in het
jaar daarvoor, de omzet liep met ongeveer 4% terug (RIAA, 2002c). Dat duidt erop
dat er vooral minder goedkope producten (CD-singles, goedkope CD’s en cassettes)
zijn verkocht (zie ook Fox, 2002).
Uit de cijfers (tabel 2) blijkt dat vanaf 1991 de CD-verkoop in de VS tot en met 1996
permanent is gestegen, in 1997 daalde, opnieuw ging stijgen en in 2001 weer afnam.
11
Tabel 2: omzet en aantallen (in miljoenen) verkochte CD’s in de VS
aantal CD’s + / - % omzet CD’s + / - % totale omzet
1991 333 4.338 7.834
1992 408 23% 5.327 23% 9.024
1993 495 21% 6.511 22% 10.047
1994 662 34% 8.465 30% 12.068
1995 723 9% 9.378 11% 12.320
1996 779 8% 9.935 6% 12.534
1997 753 -3% 9.915 0% 12.237
1998 847 12% 11.417 15% 13.711
1999 939 11% 12.816 12% 14.585
2000 943 0% 13.215 3% 14.323
2001 882 -6% 12.909 -2% 13.741
Bron: RIAA 2002c
Nederland
Ook in Nederland daalde de verkoop, overigens niet alleen in het laatste jaar volgens
de NVPI (2002b).
Uit onderzoek (in opdracht) van de NVPI blijkt dat de Nederlandse consument in
2001 5,5% minder muziekproducten kocht dan vorig jaar. De grootste daling is te
zien bij de CD-multitrack singles (45% minder), maar ook de ‘gewone’ CD’s
werden 5% minder verkocht. Over een tijdsbestek van 10 jaar zien we een lichte,
gestage daling.
Uit tabel 3 blijkt dat het aantal verkochte CD’s vanaf 1997 langzaam is gedaald, in
2000 licht steeg en in 2001 weer daalde; hetzelfde geldt voor de omzet. De aantallen
verkochte singles en de omzet dalen de laatste vijf jaar.
12
Tabel 3: omzet (miljoen Euro’s) en verkochte aantallen (miljoenen) van muziekdragers
in Nederland 1975-2001
Jaar aantal CD’s +/ - % omzet CD aantal singles +/ - % omzet singles
1990 35,0 465 6,3 29
1991 39,2 12% 529 5,0 -21% 23
1992 33,2 -15% 477 4,2 -16% 23
1993 34,6 4% 479 5,7 36% 33
1994 34,6 0% 474 5,9 4% 33
1995 35,0 1% 471 7,9 34% 38
1996 34,4 -2% 454 7,9 0% 43
1997 36,9 7% 492 7,8 -1% 40
1998 34,2 -7% 469 6,6 -15% 30
1999 33,5 -2% 458 5,5 -17% 28
2000 34,1 2% 466 5,4 -2% 26
2001 32,4 -5% 461 5,0 -7% 23
Bron: NVPI 2002b
13
Indirecte bewijzen
Naast de verkoopcijfers zijn er ook talrijke indirecte bewijzen voor een toenemend
online-gebruik van muziek:
• de populariteit van het Napster-netwerk. In januari 2001, vlak voor de sluiting
van de applicatie, werden bijvoorbeeld 3.000 miljoen files gedownload
(Dowd, 2001; zie ook Kasaras, 2002; Poblocki, 2001). Het aantal gebruikers
(gemeten als het aantal keer dat een programma is gedownload) varieert van
38 miljoen (Napster) tot 64 miljoen (KaZaA) en zelfs 90 miljoen (Morpheus)
(Wilde Mathews, Peers & Winfield, 2002);
• surveys onder muziekliefhebbers over hun CD-koopgedrag, downloadervaringen
en internetgebruik; in de VS zou volgens een RIAA-onderzoek een
kwart van de muziekliefhebbers minder CD’s kopen omdat men muziek van
het internet gebruikt; de helft van diegenen die muziek download, zou het het
op de een of andere manier kopiëren (RIAA, 2002c);
• het bezit van CD-branders: het bezit van CD-branders is in de VS in de
periode 1999-2001 verdriedubbeld van 14 naar 40% (RIAA, 2002c);
• de verkoop van blanco CD’s; voor Nederland wordt geconstateerd dat in de
laatste drie jaar "de verkoop van de blanco CD’s [is] gestegen van 20 miljoen
naar 70 miljoen. Diensten als Napster en KaZaA beleefden hoogtijdagen. De
combinatie van het makkelijk (gratis en illegaal) verkrijgen van muziek en de
mogelijkheid die muziek digitaal op te slaan, is funest." (NVPI, 2002b).
• in beslag genomen illegale CD’s.
Vooral deze indirecte bewijzen leveren over het algemeen spectaculaire cijfers op.
Probleem is echter dat ook al is er een verband met het illegaal verhandelen van
muziek, de relatie met downloaden niet altijd duidelijk is, dat geldt vooral voor de
grote aantallen blanco CD’s en vervalsingen die vaak in Azië en Oost-Europa worden
aangetroffen en die veel meer duiden op grootscheepse vervalsingsoperaties dan op
het downloaden van muziek en branden van CD’s. Surveys laten bovendien nogal
eens tegengestelde resultaten zien (zie Shachtman, 2002)
14
4. Juridische en technische maatregelen
De maatregelen die de muziekindustrie ten dienste staan zijn in principe drieërlei:
voorlichting, technische oplossingen en juridische procedures. Uitgebreide
voorlichtingsacties worden in vrijwel alle landen ondernomen maar het lijkt er niet op
dat deze maatregelen veel effect hebben gesorteerd. Gebruikers zien internet als een
medium dat gratis diensten levert (Fox, 2002). Meer wordt er daarom verwacht van
technische en juridische oplossingen. Dit alles wordt ondersteund door een intensieve
lobby-campagne van de copyright-industrie.
Juridische procedures
Juridisch zijn de industrie en de auteursrechtenorganisaties snel van start gegaan met
het aanpakken van aanbieders van MP3’s. Toen in november 1997 de Nederlandse DJ
Herbert Visser begon met dagelijks aanbieden van een verse MP3-hit via zijn
homepagina, was de Buma aanvankelijk accoord gegaan met een geringe vergoeding
(een tientje per maand). Toen men in de gaten kreeg hoe vaak de hits werden
gedownload, voelde men weinig voor verlenging van de regeling, vooral niet toen het
voorbeeld van Visser door anderen werd gevolgd. De Buma was bovendien onder
druk gezet door de Nederlandse platenindustrie (NVPI) die het bijna gratis aanbieden
van MP3’s met lede ogen aanzag. Niet alleen werd de regeling niet gecontinueerd,
verder kreeg iedereen die MP3’s aanbood of op zijn homepagina had staan een
aanmaning van de Buma waarin dit werd verboden. Buma/Stemra participeert thans
samen met o.a. de NVPI en de NVGD (Nederlandse Vereniging Grammofoonplaten
Detailhandelaren) in de Stichting Brein (Bescherming Rechten Entertainment
Industrie Nederland) die zich bezighoudt met het opsporen van allerlei vormen van
piraterij. De successen zijn indrukwekkend volgens BREIN Info nr. 5 (2001):
In totaal zijn vorig jaar door BREIN en de Opsporingsdienst Buma/Stemra
1729 onderzoeken uitgevoerd waarvan 1344 naar illegale handel op Internet
en 385 naar illegale productie en distributie, invoer en doorvoer van illegale
dragers en handel op markten en beurzen. De Opsporingsdienst Buma/Stemra
voerde 362 strafrechtelijke onderzoeken uit, waarvan 28 naar illegale
productie en distributie, 87 onderzoeken naar illegale distributie, 223 naar
15
illegale invoer en 24 naar illegale doorvoer. De onderzoeken naar illegale
productie en/of distributie leidden tot de aanhouding van 123 verdachten en 91
processen-verbaal. De meeste hiervan betroffen illegale thuisbranders, al dan
niet met gebruik van internet.
Internationaal wordt de opsporing en bestrijding gevolgd door de IFPI die nauwgezet
bijhoudt waar en hoe de piraterij om zich heen grijpt. In Azië, Oost-Europa en Zuid-
Amerika lijkt de nadruk te liggen op vervalsingen, een traditie die al in de vinylperiode
bestond en een grote vlucht nam in het cassette-tijdperk. In West-Europa en
de VS ligt het zwaartepunt van het illegaal downloaden. In deze gebieden zijn ook de
meeste rechtzaken aangespannen. Het belangrijkst zijn waarschijnlijk de rechtszaken
tegen MP3.com en Napster (eind 1999) geweest, die beiden hebben geleid tot sluiting
van de gratis diensten. AudioGalaxy is gestopt na juridische dreigementen. Ook
KaZaA ligt onder juridisch spervuur, maar dit heeft tot dusver niet geleid tot
beëindiging van de dienst. Problematisch is overigens hier het internationale karakter
van het internet waardoor effectieve opsporing zeer lastig is.
Technische oplossingen
Omstreden zijn de technische oplossingen - ook wel DRM (Digital Rights
Management) genoemd - die men heeft bedacht om het illegaal kopieëren van muziek
tegen te gaan. In principe komen al deze oplossingen erop neer dat een CD niet langer
via de CD-speler van een PC kan worden afgespeeld (dus niet kan worden gekopieerd
of geript). Deze oplossingen zijn omstreden omdat dergelijke CD’s in feite geen echte
CD’s meer zijn volgens de afspraken die de muziekindustrie zelf heeft gemaakt en
zelfs niet op alle normale spelers zijn af te spelen. Bovendien is het met behulp van
enkele technische ingrepen mogelijk de beveiliging te omzeilen. Die ingrepen hoeven
niet al te ingewikkeld te zijn, de ‘high-tech’-techniek van Sony om CD’s onspeelbaar
te maken op computers, Key2audio, is bijvoorbeeld ongedaan te maken door met een
marker de buitenste ring van een CD te bewerken.
De meeste verregaande technische oplossingen betreffen niet de dragers maar de
afspeelapparatuur zelf. In de VS is wetgeving in voorbereiding waar de antikopieertechniek
verplicht in afspeelapparatuur wordt ingebouwd. In feite is de regio16
code die thans voor DVD-spelers geldt, ook al een vorm van een dergelijke
beveiliging.
5. Kritiek op de redenering van de muziekindustrie
Soorten illegaal muziekgebruik
Een belangrijk kritiekpunt betreft het onvermogen van de muziekindustrie om de
verschillende soorten van illegaal muziekgebruik van elkaar te onderscheiden.
Vervalsingen, bootlegs en thuiskopieren worden allemaal bij elkaar genomen terwijl
de verschillende soorten andere rollen kunnen spelen en ook in andere delen van de
wereld een rol spelen. Bootlegging is bijvoorbeeld een typische fan-activiteit die strikt
genomen illegaal is maar waarvan nauwelijks aannemelijk is te maken dat reguliere
verkopen worden geschaad (Warren Melton, 2000). Vervalsingen komen op grote
schaal voor in Azië, Oost-Europa en Zuid-Amerika, maar dat is daar nauwelijks een
nieuwe situatie te noemen. Cassette-piraterij is daar al jaren belangrijk.
Empirische gegevens
Empirische steun voor de invloed van internet is niet overal even overtuigend, met
name in Nederland is er al sinds tien jaar een daling waarneembaar, een daling die dus
is ingezet lang voordat het downloaden van muziek überhaupt mogelijk was. De
omzetdalingen (4 en 2%) zijn nauwelijks spectaculair, de meest indrukwekkende
cijfers leveren nooit meer dan een indirect bewijs: verkochte CDr’s, Napsterdownloads,
en uitkomsten van surveys naar gebruik.
Opmerkelijk is dat in enkele markten (UK, Frankrijk) er zelfs sprake is van stijgende
verkopen. In het geval van Frankrijk (7,4% meer eenheden verkocht in 2001) wordt
zelf een raadsel gesproken door de president van IFPI France (Bressant, 2002):
Piracy has not yet been eradicated and our collecting society, SCPP, remains
active in closing websites that offer many thousands of illegal files. And the
number of blank CDs sold in France hasn't decreased. So why this remarkable
upsurge of sales both in value and units?
17
De IFPI president geeft als voornaamste verklaring de aantrekkingskracht van het
lokale repertoire, waarmee onbedoeld een belangrijk argument tegen het toestaan van
downloaden wordt ondergraven. Probleem is nl. dat nationale artiesten veel te leiden
zouden hebben aangezien de teruglopende inkomsten zouden moeten leiden tot het
niet langer investeren in beginnende artiesten. Opmerkelijk is dat niet alleen in
Frankrijk maar vrijwel in alle markten er een stijgende belangstelling voor lokale
artiesten is.
Hogenbirk en Van Kranenburg (2001) becijferen dat het totale omzetverlies van de
copyright-industrie (inclusief software, games en films) in 2000 8 miljard dollar
bedroeg, voor muziek zou het om een bedrag van 300 miljoen gaan. Gemiddeld zou
in 1999 50% van de verkochte muziek uit illegale exemplaren bestaan. De verschillen
tussen landen zijn groot, in Tjechië is 5% afkomstig uit het illegale circuit, in Brazilië
95% en in Vietnam zelfs 100%. De belangrijkste verklaring voor het voorkomen van
piraterij is de economische situatie in een land, met name de internationale
kredietwaardigheid, er is geen relatie met het aantal PC’s per 1000 inwoners: "We do
find that for all industries higher creditworthiness results in significant less piracy
(…) we don’t find a clear effect of the penetration of PCs in any industry" (p. 15).
Downloaden, branden en CD-aankopen
Een ander heikel punt betreft de relatie tussen downloaden, branden en CD-aankopen.
Het is bijzonder onaannemelijk dat een gedownload en gekopieerd file per definitie de
plaats inneemt van een CD die anders gekocht zou zijn. De schade die de industrie
zegt op te lopen is in veel gevallen op zijn best ‘virtueel’. Ook zou de relatie wel eens
volledig anders kunnen liggen. Uit een recent onderzoek van onderszoekbureau Ipsos-
Reid (2002) bleek dat downloaders zeiden nog steeds evenveel muziek te kopen:
"downloaders do not stop buying prerecorded compact discs when they discover
downloading. In fact, Ipsos-Reid found that 81% of downloaders report their CD
purchases have stayed the same or even increased…" Tevens bleek uit het onderzoek
dat bijna de helft van de downloaders aangaven een CD gekocht te hebben juist omdat
ze op internet iets gelezen of gehoord hadden over de muziek. Overeenkomstige
18
gegevens zouden ook af te lezen zijn uit een onderzoeksrapport van Jupiter Media
Metrix (zie Shachtman, 2002).
Daarnaast is het duidelijk dat het profiel van de gemiddelde CD-koper niet echt
overeenkomt met die van de internet-fanaat. Het RIAA 2001 Consumer Profile
(2002d) geeft aan dat 55% van de CD-kopers 30 jaar of ouder is, 24% is zelfs 45 of
ouder. Deze percentages waren in 1992 nog 33% en 12%. Deze verschuiving heeft
zich de afgelopen 10 jaar zeer geleidelijk voorgedaan, van een plotselinge breuk in de
laatste twee jaar is geen sprake. De typische downloader is jonger dan 35 volgens een
recent onderzoek van het onderzoeksbureau Ipsos-Reid (2002).
Inzakkende muziekmarkt en concentratie
Daarnaast is het goed mogelijk dat dalende verkopen een andere oorzaak kunnen
hebben. Voor 2001 zou bijvoorbeeld de inzettende economische crisis (versterkt door
11 september) een rol kunnen spelen terwijl een tijdelijk inzakkende muziekmarkt
geenszins een nieuwe ontwikkeling is. Ook aan het eind van de jaren zeventig was
hier sprake van. De oorzaak zou bijvoorbeeld kunnen liggen in de verregaande
concentratie van de muziekindustrie waardoor vernieuwende impulsen betrekkelijk
weinig kans krijgen. Dit blijkt bijvoorbeeld ook uit de tegenvallende
verkoopresultaten van voormalige mega-sterren als Michael Jackson en Mariah
Carey.
Dat het de laatste 20 jaar goed met de muziekmarkt is gegaan, heeft overigens veel te
maken met de opkomst van de CD. Veel muziekliefhebbers vervingen hun vinylverzameling
door CD’s en deze vervanging zou thans wel eens achter de rug kunnen
zijn.
Webwinkels
Ook zou de daling van inkomsten (niet van verkochte aantallen) enigszins veroorzaakt
kunnen worden door webwinkels die vaak CD’s tegen lagere prijzen - soms zelfs
onder de inkoopprijs (Van Henten, Maltha & Bilderbeek, 2000) - verkopen. In de VS
is in 2001 bijna 3% van de verkopen via internet verricht (RIAA, 2002d). De
19
detailhandel zou daar last van kunnen hebben terwijl deze sector in Nederland ook te
maken heeft met hogere prijzen voor winkelruimte.
Lobby-instrument
Het is waarschijnlijk dat het enorme offensief dat de muziekindustrie inzet om
piraterij te bestrijden en waarbij zonder al te veel oog voor nuances allerlei soorten
inbreuken op copyright samen worden genomen, vooral bedoeld is als lobbyinstrument
om wetgeving te beïnvloeden. Dit is tot dusver een behoorlijk succesvolle
onderneming geweest, zowel in de VS als in Europa is er een strenge
copyrightwetgeving en een omvangrijk opsporingsapparaat. Het bekendste voorbeeld
in Nederland is ongetwijfeld de heffing op onbespeelde cassettes en CD’s die de
muziekindustrie ten goede komt. Bij dit offensief worden zware middelen niet
geschuwd, het downloaden van muziek wordt in verband gebracht met georganiseerde
misdaad, geweldpleging, roofovervallen, ontvoering, moord, drugshandel, terrorisme
en wapenhandel (NVPI, 2002a; Creatieve industrie… 2002).
6. Alternatieve modellen
Internet is niet de universe boeman van de muziek-industrie. In tegendeel, in veel
gevallen wordt er intensief gebruikgemaakt van dit nieuwe medium. Bovendien
kunnen ook andere toepassingen van muziek op het internet invloed hebben op de
industrie, artiesten en fans.
de muziekindustrie
Het eerste opvallende is dat er intensief gebruik gemaakt wordt van internet door de
industrie zelf. Dat gebeurt bijvoorbeeld door uitgebreide presentaties van de catalogus
op het internet, en door het aanbieden van muziek via het net (CD-verkoop), ook van
de zogenaamde backlist, de lijst met CD’s die normaal gesproken moeilijk geleverd
kunnen worden. Webwinkels en sites van artiesten die door platenmaatschappijen zijn
opgezet zijn andere voorbeelden van het gebruik van internet. Daarnaast worden door
gespecialiseerde webwinkels CD’s, DVD’s, video’s en zelf ouderwetse LP’s verkocht
20
via het web. Ook kleinere en gespecialiseerde labels kunnen op deze manier
eenvoudiger dan vroeger hun roducten aan de man brengen.
De verwachtingen op dit gebied zijn groot. In een recent onderzoek van In-Stat/MDR
(2002) wordt een groei van 33% tussen 2002 en 2006 verwacht op het gebied van
online muziek-aankopen (inclusief apparatuur). Deze verwachting komt door de
opkomst van draagbare afspeelapparatuur met een grote opslagcapaciteit (in
navolging van het succes van Apple’s iPod), de mogelijkheden tot file swapping en de
beschikbaarheid van online muziekdiensten waar tegen betaling muziek kan worden
gedownload.
Veel verwachten platenmaatschappijen van een betrouwbaar en afrekenbaar eigen
downloadsysteem, een soort betaalde Napster. Tot op heden heeft dit echter nog geen
levensvatbaar businessmodel opgeleverd. Wel hebben Sony en Vivendi Universal
onlangs besloten het downloaden van legale betaalde bestanden (via
www.pressplay.com) goedkoper te maken en bestanden van minder technische
beveiligingen te voorzien in de hoop daarmee de gebruiker over de streep te trekken
(Legaal downloaden…, 2002).
de fans
Opzienbarend is de hoeveelheid energie die fans in websites over hun idolen steken.
Over vrijwel elke artiest zijn meerdere sites. Aan sterren als Elvis, the Beatles en Bob
Dylan en genres als soul, punk en rock ‘n’ roll zijn letterlijk honderden sites gewijd.
Informatie over concerten, foto’s, trivia en discografieën zijn volop beschikbaar. Het
is niet onwaarschijnlijk dat dergelijke ondernemingen de belangstelling voor de
muziek alleen maar stimuleren en op die manier een positieve invloed op
muziekverkoop hebben.
de artiesten
Ook artiesten die niet tot de absolute top behoren hebben eigen websites. Hier wordt
vaak reclame gemaakt voor de eigen producten, is het mogelijk CD’s te bestellen en
gratis tracks te beluisteren en te downloaden, er is informatie over optredens en
21
nieuwe releases. Het ter hand nemen van de eigen verkoop is voor veel bands een
alternatief, vooral als er een trouwe schare volgers is. Een voorbeeld is de pagina van
They Might Be Giants (www.tmbg.com) waar MP3’s gedownload kunnen worden en
een overzicht van het tourschema te zien is maar waar ook CD’s en t-shirts verkocht
worden. De website www.MP3.com biedt aan artiesten de mogelijkheid om hun
product onder de aandacht te brengen. Een model waarbij de inkomsten gegenereerd
worden door optredens en de verkoop van CD’s zou in dat geval een alternatief zijn
ten opzichte van de moeizame weg via de gevestigde platenmaatschappijen. Artiesten
zouden door deze nieuwe techniek ook meer zeggenschap kunnen krijgen over hun
product (zie Fox, 2002; Pfahl, 2001).
7. Conclusie
Het argument van de muziekindustrie dat het downloaden van muziek via internet
grote schade aanricht wordt nauwelijks ondersteund door empirische bewijzen. Het
verloop van verkoopcijfers laat eerder een geleidelijke verschuiving zien die in veel
gevallen is ingezet voordat er sprake was van grote populariteit van het downloaden
van muziekbestanden. Andere oorzaken lijken minstens zo aannemelijk. De
spectaculaire cijfers die de industrie weet te produceren hebben ook geen betrekking
op schade door internetdownloads maar op verkoop van blanco CD’s, het
ontmantelen van CD-fabriekjes, de populariteit van ‘peer-to-peer’ applicaties of het
aantal CD-branders dat verkocht wordt. In de cijfers van de industrie worden
bovendien vervalsingen, piraten-uitgaven, bootlegs, thuis-kopiëren en internetdownloads
in alle markten op één hoop gegooid waardoor lobby-activiteiten
succesvol ondersteund kunnen worden maar die een kritische analyse niet kunnen
doorstaan. Dat de belangrijke plaats die muziekgebruik via het internet heeft
gekregen, positieve invloed op de belangstelling voor muziek en verkoop zou kunnen
hebben, wordt weinig onderkend. Pogingen om bestanden, dragers en
afspeelapparatuur te voorzien van beschermingstechnieken zou de muziekliefhebber
zelfs van de industrie kunnen vervreemden. Het ontwikkelen van een betrouwbaar en
betaalbaar downloadsysteem dan ook meer prioriteit moeten krijgen. En wellicht zou
men dan het ‘illegaal’ downloaden van muziek op de koop toe moeten nemen. De
liefhebbers van nu zijn in laatste instantie waarschijnlijk toch ook de kopers van de
22
toekomst.
23
Referenties
BREIN Info nr. 5. (2001, maart). Retrieved March 13, 2002, from
www.nvpi.nl/detail.php?id=60:
Bressant, G. (2002, mei). French talent boosts 2001 sales. IFPI Network. (9)
Buma Stemra. (2002). Retrieved May 12, 2002, from www.bumastemra.nl
Creatieve industrie eist strenge aanpak piraterij. (2002, 25 mei). Webwereld.
Retrieved May 26, 2002, from www.webwereld.nl
Dowd, T. (2001). The Napster episode. Soundscape, nr. 4. [Electronic version]
Retrieved March 1, 2002, from www.icce.rug.nl/~soundscapes/
Fox, M. (2002). Technological and Social Drivers of Change in the Online Music
Industry, First Monday 7, (2). [Electronic version]. Retrieved from
www.firstmonday.dk
Fraunhofer Gesellschaft. (1998-2201). MPEG Audio Layer-3, Retrieved March 10,
2002, from www.iis.fhg.de/amm/techinf/layer3/
Henten, H.-J. van, Maltha, S. & Bilderbeek, R. (2000). De invloed van ICT op het
functioneren van de Nederlandse muziekmarkt. Den Haag: Ministerie van
Economische Zaken.
Hogenbirk, A,E, & Van Kranenburg, H.L. (2001). Determinants of Multimedia,
Entertainment, and Business Software Copyright Piracy Rates and Loses: A Crossnational
Study. Paper for 5th World Media Conference in Turku, Finland (May 2002).
IFPI. (2002a). Fighting Piracy. Retrieved March 2, 2002, from
www.ifpi.org/index.html
24
IFPI. (2002b). What is Piracy. Retrieved March 4, 2002, from www.ifpi.org/sitecontent/
antipiracy/what_is_piracy.html
In-Stat/MDR (2002, June 10). New Products, Services and Memory Choices Spur
Digital Audio Growth. Retrieved June 12, 2002, from www.instat.com/buf-pres.htm
Ipsos-Reid (2002, June 12). Filesharing and CD Burners Proliferate. Retrieved June
18, 2002, from www.ipsos-reid.com
Kasaras, K. (2002). Music in the Age of Free Distribution: MP3 and Society. First
Monday 7 (1). [Electronic version]. Retrieved from www.firstmonday.dk
King, B. (2001, April 10) Judge Steams; Napster Cooked? Wired. Retrieved April 23,
2002, from www.wired.com/news/business/0,1367,42963,00.html
Legaal downloaden muziek aantrekkelijker. (2002, 13 juni). Webwereld. Retrieved
June 18, 2002, from www.webwereld.nl
NVPI. (2002a). Anti Piraterij Nieuws. Retrieved March 13, 2002, from www.nvpi.nl
NVPI. (2002b). De muziekmarkt in 2001. Retrieved March 13, 2002, from
www.nvpi.nl/6_21.html
Pfahl, M. (2001). Giving Away Music to Make Money: Independent Musicians on the
Internet. First Monday 6 (8). [Electronic version]. Retrieved from
www.firstmonday.dk
Poblocki, K. (2001). The Napster Network Community. First Monday 6 (11).
[Electronic version]. Retrieved from www.firstmonday.dk
RIAA. (2002a). Anti Piracy. Retrieved April 23, 2002, from www.riaa.com/Protect-
Campaign-1.cfm
25
RIAA. (2002b). It’s all about the music. Retrieved April 23, 2002,
www.riaa.com/Artists-Voices-1.cfm
RIAA. (2002c, 25 feb.) News archive. Retrieved April 23, 2002,
www.riaa.com/News_Story.cfm?id=491
RIAA. (2002d). 2001 Consumer Profile. Retrieved June 18, 2002, from
www.riaa.com/pdf/2001consumerprofile.pdf
Shachtman, N. (2002, May 3). Report Refutes Anti-Trade Debate. Wired. Retrieved
June 18, 2002, from www.wired.com/news
Warren Melton, G. (2000). An examination of the bootleg record industry and its
impact upon popular music consumption. Soundscapes Database: Tracking. Retrieved
April 21, 2002, www.icce.rug.nl/~soundscapes/
Wilde Mathews, A., Peers, M., & Winfield, N. (2002, 7 mei). The Music Industry Is
Finally Online, But Few Listen. The Wall Street Journal. (pp. 1, a20)
Friday, January 11, 2008
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
No comments:
Post a Comment